ECLI:NL:RBAMS:2005:AU0651
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen stageverlenging wegens zwangerschaps- en ouderschapsverlof
De zaak betreft een beroepschrift tegen het besluit van de Raad van Toezicht van de Orde van Advocaten in Amsterdam om de advocatenstage van een stagiaire met 5,4 maanden te verlengen vanwege zwangerschaps- en ouderschapsverlof. De Algemene Raad van de Nederlandse Orde van Advocaten had het administratief beroep van de stagiaire gegrond verklaard en het besluit vernietigd wegens strijd met het verbod op direct onderscheid tussen mannen en vrouwen.
De rechtbank oordeelt dat zowel eiser als de Stichting Jonge Balie Nederland als belanghebbenden kunnen worden aangemerkt. De rechtbank toetst of het bestuursorgaan in redelijkheid tot het bestreden besluit heeft kunnen komen en concludeert dat het beleid van stageverlenging bij afwezigheid wegens zwangerschaps- en bevallingsverlof een direct onderscheid maakt dat verboden is volgens de Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen.
Eiser stelde dat het uitgangspunt van een zuivere speeltijd van drie jaar voor de stage dit onderscheid rechtvaardigt, maar de rechtbank wijst dit af. De rechtbank bevestigt dat het bestreden besluit in stand blijft en verklaart het beroep ongegrond. Er worden geen proceskosten toegekend en het griffierecht wordt niet vergoed.
Uitkomst: Het beroep tegen de stageverlenging wegens zwangerschaps- en ouderschapsverlof wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.