ECLI:NL:RBAMS:2004:AR4214
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.D. Bonga-Sigmond
- P.B. Martens
- J.N.A. Jolink
- Rechtspraak.nl
Weigering overlevering Nederlander aan Frankrijk wegens ontbreken dubbele garantie tenuitvoerlegging straf
De rechtbank Amsterdam behandelde op 1 oktober 2004 een vordering ex artikel 23 van Pro de Overleveringswet inzake een Europees aanhoudingsbevel uitgevaardigd door Frankrijk tegen een Nederlandse onderdaan. De officier van justitie concludeerde tot weigering van overlevering omdat de opgeëiste persoon de Nederlandse nationaliteit bezit.
De kern van het geschil betrof de vraag of de Nederlandse wetgever de overlevering van Nederlanders afhankelijk heeft gesteld van een dubbele garantie: dat de opgelegde vrijheidsstraf in Nederland mag worden ondergaan en dat deze straf door de Nederlandse rechter mag worden omgezet volgens de exequaturprocedure. De Franse autoriteiten hadden geen garantie gegeven dat de omzettingsprocedure toegepast zou worden.
De rechtbank oordeelde dat het Kaderbesluit van de EU geen wijziging brengt in de keuzevrijheid van lidstaten om de omzettingsprocedure toe te passen en dat de Nederlandse wetgever inderdaad een dubbele garantie verlangt. Bij het ontbreken daarvan moet de overlevering worden geweigerd.
De rechtbank besloot daarom de overlevering van de verdachte aan Frankrijk niet toe te staan, de in beslag genomen bescheiden aan haar terug te geven en het bevel tot overleveringsbewaring op te heffen.
Uitkomst: De rechtbank weigert de overlevering van de verdachte aan Frankrijk wegens het ontbreken van de vereiste dubbele garantie voor tenuitvoerlegging van de straf in Nederland.