ECLI:NL:RBALM:2012:BW7513
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek wettelijke schuldsanering wegens gebrek aan goede trouw
Verzoekers, gehuwd in gemeenschap van goederen en met drie kinderen, vroegen de rechtbank Almelo om toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling. De totale schuldenlast bedroeg ruim €16.800, waaronder een alimentatieschuld aan het LBIO. Verzoeker kampte met een drank- en gokverslaving, waardoor vaste lasten niet werden betaald en alimentatieschulden ontstonden. Verzoekster heeft sinds haar komst naar Nederland in 1979 nooit betaald werk verricht en beheerst de Nederlandse taal niet.
De rechtbank oordeelde dat verzoekers onvoldoende aannemelijk maakten dat zij in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoek te goeder trouw waren. De schulden zijn deels veroorzaakt door de verslaving van verzoeker en zijn derhalve niet te goeder trouw ontstaan. Daarnaast heeft verzoeker nagelaten zijn alimentatieplicht na te komen, ondanks kennis daarvan en beschikbare middelen. Verzoekster heeft onvoldoende inspanningen geleverd om inkomsten te verwerven.
Gezien deze omstandigheden concludeerde de rechtbank dat verzoekers niet voldoen aan de vereisten voor toelating tot de schuldsaneringsregeling. Ook de omstandigheden als bedoeld in artikel 288 lid 3 Faillissementswet Pro waren niet aannemelijk gemaakt. Daarom werden de verzoeken afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens gebrek aan goede trouw.