ECLI:NL:RBALK:2012:BX9916
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.E. van Erp-van Harten
- P.H.B. Littooy
- H.A. Stalenhoef
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak bestuurder na dodelijk verkeersongeval door afwezigheid van alle schuld
Op 26 september 2011 vond op de Rijksweg te Limmen een verkeersongeval plaats tussen een bestelauto en een motorfiets, waarbij de passagier van de motorfiets overleed. De bestuurder van de bestelauto werd primair beschuldigd van grove schuld door onvoorzichtigheid en het niet verlenen van voorrang bij een linksafslaande manoeuvre.
De officier van justitie stelde dat de bestuurder niet verwijtbaar had gehandeld en dat het overlijden van de passagier niet het gevolg was van de botsing, maar van een noodremming door de motorrijder. Wel werd het subsidiair ten laste gelegde, het veroorzaken van gevaar op de weg door het niet volledig vrijlaten van de rijbaan, bewezen geacht.
De verdediging voerde integrale vrijspraak aan, stellende dat de bestuurder zijn aandacht voldoende had gericht en direct remde toen de motorfiets zichtbaar werd, waardoor een botsing mogelijk voorkomen had kunnen worden. De rechtbank oordeelde dat de bestuurder niet aanmerkelijk onvoorzichtig of onoplettend had gehandeld, de motorfiets niet zichtbaar was bij het inzetten van de afslaande manoeuvre en dat het causale verband tussen botsing en overlijden ontbrak.
Hoewel het subsidiair ten laste gelegde werd bewezen verklaard, werd de bestuurder ontslagen van alle rechtsvervolging wegens afwezigheid van alle schuld. De rechtbank sprak de bestuurder vrij van het primair ten laste gelegde en ontsloeg hem van alle rechtsvervolging.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens afwezigheid van alle schuld ondanks bewezen overtreding van artikel 5 Wegenverkeerswet 1994.