ECLI:NL:RBALK:2010:BP5613
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot verwijdering persoonsgegevens uit incidentenregister ING
Verzoeker verzocht de rechtbank om ING te veroordelen tot verwijdering van zijn persoonsgegevens uit het incidentenregister op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp). ING had Verzoekers gegevens opgenomen in het intern verwijzingsregister (IVR) vanwege een frauduleuze overboeking op zijn bankrekening en daaropvolgende transacties met gebruik van de bankpas en pincode. Verzoeker betwistte betrokkenheid bij deze fraude.
De rechtbank oordeelde dat het Protocol Incidentenwaarschuwingssysteem financiële instellingen voldoende waarborgen biedt voor rechtmatige verwerking van persoonsgegevens en dat ING een gerechtvaardigd belang had om Verzoekers gegevens in het IVR op te nemen. Dit belang woog zwaarder dan het belang van Verzoeker, mede omdat de gegevens niet in het extern verwijzingsregister waren opgenomen en Verzoeker nog bij andere financiële instellingen terecht kan.
De rechtbank concludeerde dat de opname van Verzoekers gegevens in het IVR niet onredelijk bezwarend was en wees het verzoek tot verwijdering af. ING hanteert een maximale bewaartermijn van acht jaar, met mogelijkheid tot verkorting op verzoek.
Uitkomst: Het verzoek tot verwijdering van persoonsgegevens uit het intern verwijzingsregister van ING wordt afgewezen.