ECLI:NL:RBALK:2009:BJ1928
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit herziening AOW-pensioen wegens onvoldoende motivering bij scheiding van tafel en bed
Eiser, die op grond van zijn geloofsovertuiging gescheiden van tafel en bed is, werd door de Sociale verzekeringsbank per 1 maart 2005 als gehuwd aangemerkt, waardoor zijn AOW-pensioen werd herzien van ongehuwd naar gehuwd. Eiser betwistte dit besluit en voerde aan dat hij materieel gescheiden leeft en dat zijn geloofsovertuiging een formele echtscheiding verhindert.
De rechtbank stelde vast dat eiser en zijn ex-echtgenote sinds 1990 gescheiden van tafel en bed zijn en dat zij hun eigen leven leiden, waardoor zij materieel als ongehuwd moeten worden aangemerkt voor de AOW. Het door verweerder gebruikte bewijs, waaronder verklaringen van de ex-echtgenote en waarnemingen, was innerlijk tegenstrijdig en onvoldoende om te concluderen dat eiser duurzaam samenwoonde met zijn ex-echtgenote vanaf 1 maart 2005.
Verder werd vastgesteld dat eiser pas in oktober 2006 bij zijn ex-echtgenote is gaan wonen en dat de zorgrelatie eenzijdig was vanwege zijn hulpbehoevendheid. Verweerder had het advies over de hulpbehoevendheid niet betrokken bij zijn besluit. De rechtbank oordeelde dat het besluit onvoldoende zorgvuldig was voorbereid en onvoldoende gemotiveerd, en vernietigde het besluit. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak.