ECLI:NL:RBALK:2005:AU3503
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P.J. van de Sande
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verbod op tenuitvoerlegging ontruimingsvonnis wegens huurachterstand
In deze zaak vordert de huurder in kort geding dat de verhuurder wordt verboden het ontruimingsvonnis, dat is gebaseerd op een huurachterstand, ten uitvoer te leggen. De huurder stelt dat de verhuurder geen redelijk belang heeft bij ontruiming omdat zij inmiddels grotendeels de lopende huur heeft voldaan en een betalingsregeling wenst te treffen voor de achterstand.
De verhuurder betwist dit en stelt dat de achterstand niet is afgelost, dat de voorgestelde afbetalingsregeling onredelijk lang duurt en dat de huurachterstand zelfs is opgelopen na beëindiging van de schuldsaneringsregeling. De kantonrechter stelt vast dat de verhuurder een executoriale titel heeft en in beginsel bevoegd is tot ontruiming, tenzij sprake is van misbruik van bevoegdheid.
Na belangenafweging oordeelt de kantonrechter dat de aanzienlijke huurachterstand en het ontbreken van aflossingen, alsmede het feit dat de huurder zonder recht of titel in de woning verblijft, rechtvaardigen dat de verhuurder haar executiebevoegdheid uitoefent. Er zijn geen nieuwe feiten of omstandigheden die het belang van de huurder doen prevaleren boven dat van de verhuurder.
De vordering wordt daarom afgewezen en de huurder wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van de huurder om ontruiming te verbieden wordt afgewezen wegens het gerechtvaardigde belang van de verhuurder.