Conclusie
Nummer22/01088
Inleiding
Het middel
,1976/77, 14 281, nr. 3, p. 19–20)
Parket bij de Hoge Raad
De verdachte werd door het gerechtshof 's-Hertogenbosch veroordeeld wegens het rijden zonder een verplichte verzekering voor zijn motorrijtuig, met oplegging van een geldboete van €600,-, te vervangen door twaalf dagen hechtenis. Het hof motiveerde de straf door te wijzen op de ernst van het feit, de persoonlijke omstandigheden van de verdachte en het risico dat onverzekerd rijden met zich meebrengt voor mogelijke slachtoffers.
Het cassatieberoep richtte zich op de vermeende ontoereikende strafmotivering, waarbij werd gewezen op een arrest van de Hoge Raad uit 2010 over rijden zonder rijbewijs en de gevolgen daarvan voor verzekeringsdekking. De conclusie van de advocaat-generaal bij de Hoge Raad stelt dat deze situatie niet vergelijkbaar is met de onderhavige zaak, omdat hier helemaal geen verzekering is afgesloten.
De conclusie benadrukt dat het hof terecht heeft geoordeeld dat het ontbreken van een verzekering het risico vergroot dat slachtoffers hun schade niet kunnen verhalen, en dat de strafmotivering daarmee begrijpelijk en toereikend is. Het cassatieberoep wordt verworpen, waarmee de veroordeling in stand blijft.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling wegens rijden zonder verplichte motorrijtuigenverzekering blijft in stand.