Conclusie
Nummer21/02974
Inleiding
Het middel
telkens(cursief hier en hierna door mij, D.P.) acht slaat op de mate waarin die verklaringen ten aanzien van
individueleverdachten steun vinden in de verklaringen van die verdachte zelf, in het berichtenverkeer
tussen hen beidenen in eventueel ander bewijs en dat het aldus telkens komt tot een waardering van het bewijsmateriaal in onderlinge samenhang. Hiermee heeft het hof tot uitdrukking gebracht dat het hof bij de beoordeling van de betrouwbaarheid van de verklaringen van het slachtoffer in iedere afzonderlijke strafzaak zal bezien in hoeverre die verklaringen steun vinden in onder meer de verklaringen van de betreffende verdachte en hun onderlinge berichtenverkeer. Voor zover de stellers van het middel veronderstellen dat uit het bestreden arrest zou volgen dat het hof met betrekking tot de beoordeling van de betrouwbaarheid van de door het slachtoffer afgelegde verklaringen acht heeft geslagen op verklaringen van het slachtoffer die zijn afgelegd in de strafzaken tegen medeverdachten en die zich niet in het dossier van de verdachte bevinden, is die veronderstelling derhalve gebaseerd op een onjuiste lezing van het arrest en mist het middel in zoverre feitelijke grondslag.