ECLI:NL:PHR:2023:64
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring betrokkene in cassatieberoep wegens niet-indienen middelen van cassatie
Het gerechtshof Amsterdam heeft vastgesteld dat betrokkene wederrechtelijk verkregen voordeel had ter waarde van €100.000 en heeft hem verplicht tot betaling van €95.000 aan de Staat. Tevens is de maximale duur van gijzeling vastgesteld op 1080 dagen.
Betrokkene heeft cassatieberoep ingesteld, maar heeft niet binnen de wettelijke termijn van twee maanden na aanzegging schriftuur houdende middelen van cassatie ingediend bij de Hoge Raad. De aanzegging is op 30 mei 2022 betekend, maar de gerechtelijke brief kon niet worden uitgereikt op het adres van betrokkene omdat hij daar niet meer woonde, hoewel het adres nog als BRP-adres geregistreerd stond.
De Procureur-Generaal concludeert dat vanwege het niet naleven van de indieningsverplichting betrokkene niet in het cassatieberoep kan worden ontvangen. Dit leidt tot niet-ontvankelijkverklaring van betrokkene in het cassatieberoep. Er bestaat samenhang met meerdere andere zaken waarin eveneens conclusies zijn genomen.
Uitkomst: Betrokkene is niet-ontvankelijk verklaard in het cassatieberoep wegens het niet indienen van schriftuur houdende middelen van cassatie binnen de wettelijke termijn.