ECLI:NL:PHR:2023:1155
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring en verwerping cassatieberoep inzake beslag op bedrijfsdossiers bij verdenking fraude voedselketen
In deze zaak gaat het om een cassatieberoep van een klager tegen een beschikking van de rechtbank Oost-Brabant die het klaagschrift ex art. 552a Sv ongegrond verklaarde. Het klaagschrift strekte tot opheffing van beslag en teruggave van inbeslaggenomen stukken en tot vernietiging van het gebruik van vastgelegde gegevens, in het kader van verdenking van grootschalige fraude in de voedselketen.
De behandeling van het klaagschrift vond plaats in de raadkamer, waarvan de zitting op 7 februari 2023 openbaar was. De rechtbank heeft de beschikking op 7 maart 2023 uitgesproken. Het cassatieberoep is ingesteld op 21 maart 2023 en bevat twee middelen van cassatie.
De Procureur-Generaal concludeert dat het eerste middel faalt omdat de klager niet-ontvankelijk moet worden verklaard voor zover het klachten over het verschoningsrecht betreft. Het tweede middel blijft onbesproken. Er zijn geen gronden gevonden die tot vernietiging van de bestreden uitspraak leiden. De conclusie is dat het cassatieberoep voor het eerste middel niet-ontvankelijk wordt verklaard en voor het overige wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard voor klachten over het verschoningsrecht en voor het overige verworpen.