ECLI:NL:PHR:2023:1121
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep wegens niet-indienen middelen binnen termijn
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden had eerder vastgesteld dat het wederrechtelijk verkregen voordeel € 2.000 bedroeg en legde betrokkene een betalingsverplichting van € 1.800 aan de Staat op.
Betrokkene stelde cassatieberoep in, maar diende geen schriftuur houdende middelen van cassatie in binnen de wettelijk gestelde termijn. Hierdoor kon de Hoge Raad betrokkene niet in zijn cassatieberoep ontvangen.
De procureur-generaal concludeert daarom tot niet-ontvankelijkheid van betrokkene in het cassatieberoep. Er is tevens samenhang met andere zaken waarin soortgelijke conclusies zijn gegeven.
De beslissing betreft een procedurele afwijzing van het cassatieberoep wegens niet-naleving van procesregels, zonder inhoudelijke beoordeling van de zaak.
Uitkomst: Betrokkene wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn cassatieberoep wegens het niet indienen van middelen binnen de wettelijke termijn.