Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CONCLUSIE
(…)
Parket bij de Hoge Raad
De rechtbank Midden-Nederland heeft het beklag van de klager tegen de teruggave van een in beslag genomen iPhone 6, verkregen op basis van een Europees Onderzoeksbevel (EOB) van Duitse autoriteiten, ongegrond verklaard. Het EOB betreft een strafrechtelijk onderzoek naar plofkraken in Duitsland waarbij de klager wordt verdacht van logistieke betrokkenheid, zoals het huren van voertuigen.
De klager voerde aan dat het EOB onvoldoende duidelijkheid verschaft over de concrete verdenking jegens hem, waardoor het beslag onrechtmatig zou zijn. De rechtbank oordeelde echter dat het EOB en de onderliggende stukken, ondanks geheimhouding, voldoende aanknopingspunten bieden dat de klager als verdachte wordt aangemerkt en dat het belang van de strafvordering zich verzet tegen teruggave.
De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad bevestigt dit oordeel en wijst erop dat het niet aan de Nederlandse rechter is om de inhoud van het buitenlandse onderzoek nader te toetsen. De cassatie klaagt faalt, omdat het EOB in samenhang met de onderzoeksmaatregelen en de beschrijving van de verdenking de betrokkenheid van de klager duidelijk maakt. Het beroep wordt verworpen en het beslag blijft gehandhaafd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het beslag op de iPhone 6 blijft gehandhaafd.