Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CONCLUSIE
witwassen”, veroordeeld. Het hof heeft de verdachte vervolgens veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en met aftrek van voorarrest.
het werk”, waarvan het hof aannemelijk acht dat het verband houdt met het aangetroffen geldbedrag, even stil te liggen. De verdachte is vervolgens naar Colombia afgereisd waarna het werk weer door kon gaan.
hij op 24 januari 2015, te Amsterdam, althans in Nederland en/of België, een voorwerp, te weten 2.000.195,00 euro heeft voorhanden gehad, terwijl verdachte wist dat dat voorwerp - onmiddellijk of middellijk- afkomstig was uit enig misdrijf.”
eerste middelklaagt dat het hof het verzoek tot het horen van getuige [betrokkene 1] heeft afgewezen op gronden die deze afwijzing niet kan dragen dan wel in het licht van hetgeen ter onderbouwing van de verzoeken is aangevoerd onbegrijpelijk zijn.
Het
tweede middelvalt uiteen in twee deelklachten. De eerste deelklacht luidt dat het hof heeft verzuimd een beslissing te nemen op het ter terechtzitting in hoger beroep van 31 augustus 2018 gedane (herhaalde) verzoek tot het horen van [betrokkene 1] en [betrokkene 2] als getuigen. De tweede deelklacht luidt dat het hof het verzoek tot het horen van de getuigen [betrokkene 3] , [betrokkene 4] en [betrokkene 5] heeft afgewezen op gronden die deze afwijzingen niet kunnen dragen dan wel in het licht van hetgeen ter onderbouwing van de verzoeken is aangevoerd onbegrijpelijk zijn dan wel door dit verzoek af te wijzen op ontoelaatbare wijze is vooruitgelopen op hetgeen de getuigen zouden kunnen verklaren. Ik zie aanleiding beide middelen gezamenlijk te bespreken.
TOELICHTING
om die link en werkzaamheden te verduidelijken”.