ECLI:NL:PHR:2018:731
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring betrokkene in beroep profijtontneming
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft betrokkene bij arrest van 10 juli 2017 verplicht tot betaling van €12.078,38 aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. Betrokkene stelde beroep in cassatie in op 14 juli 2017. De aanzegging van het cassatieberoep werd op 4 december 2017 persoonlijk aan betrokkene betekend.
Volgens de artikelen 437 lid 2 juncto 511h Sv moet binnen twee maanden na betekening van de aanzegging door een raadsman een schriftuur met middelen van cassatie worden ingediend. Betrokkene heeft dit niet gedaan. Hierdoor is hij niet-ontvankelijk in zijn cassatieberoep.
De conclusie van de Procureur-Generaal bij de Hoge Raad is dan ook dat het beroep van betrokkene moet worden verworpen wegens niet-ontvankelijkheid. Er is tevens samenhang met andere zaken, maar ook daarin is geen middelen ingediend.
Uitkomst: Betrokkene wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn cassatieberoep wegens het niet indienen van middelen binnen de gestelde termijn.