Conclusie
eerste middelklaagt dat het hof ten onrechte heeft bewezenverklaard dat verdachte met anderen openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd, nu uit de door het hof gebezigde bewijsmiddelen niet volgt dat verdachte opzet heeft gehad op het in vereniging plegen van geweld, zodat de bewezenverklaring onvoldoende met redenen is omkleed.
Een proces-verbaal van aangifte met nummer PL1306-2014172186-1 van 13 juli 2014, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 1], doorgenummerde pagina’s 1 en 2.
[betrokkene 1]:
Een proces-verbaal van verhoor getuige met nummer 2014172186-5 van 13 juli 2014, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 2], doorgenummerde pagina’s 11 en 12.
[getuige]:
(het hof begrijpt: de aangever [betrokkene 1]).Ik zag dat er een groep van ongeveer 5 mannen bij de ingang kwam staan. Twee van deze mannen noem ik nn1 en nn2. Ik zag dat nn1 naar [betrokkene 1] liep. Ik zag dat nn1 voor [betrokkene 1] stond en met kracht en snelheid met zijn rechterarm zwaaide naar het gezicht van [betrokkene 1]. Ik zag dat nn1 [betrokkene 1] op de linkerzijde van zijn gezicht raakte. Ik zag dat nn1 zijn rechterhand had gebald tot een vuist. Ik zag dat nn2 aan het vest trok van [betrokkene 1]. Ik zag dat nn2 hiermee [betrokkene 1] kennelijk opzettelijk uit balans trok en dat [betrokkene 1] omviel op de grond.
Een proces-verbaal van bevindingen met nummer 2014172186-10 van 13 juli 2014, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 3], doorgenummerde pagina 20.
Een proces-verbaal van verhoor verdachte met nummer 2014172186-12 van 15 juli 2014, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 4], doorgenummerde pagina’s 28-30.
Opzet en een significante bijdrage
in verenigingis, heeft het hof zich in de bewijsoverwegingen niet expliciet uitgelaten. De vraag is dus of dat opzet besloten ligt in de bewijsvoering. Daarbij kan er in cassatie van worden uitgegaan dat verdachte opzet op (eigen) geweld heeft gehad.
12.Het eerste middel faalt.
tweede middelklaagt dat het hof ten onrechte heeft overwogen dat verdachte eerder ter zake van het plegen van openlijk geweld onherroepelijk is veroordeeld, hetgeen verdachte er echter niet van heeft weerhouden opnieuw de fout in te gaan, nu uit het uittreksel van verdachte niet zonder meer volgt dat verdachte ten tijde van het tenlastegelegde feit reeds eerder onherroepelijk is veroordeeld ter zake van het plegen van openlijk geweld, zodat de strafoplegging onvoldoende met redenen is omkleed.