Conclusie
eerste middelklaagt dat het hof, door het beklag ongegrond te verklaren, heeft miskend dat alleen beslag op de voet van art. 94a, leden 1 en 2, Sv kan worden gelegd in geval van verdenking of veroordeling wegens een misdrijf waarvoor een geldboete van de vijfde categorie kan worden opgelegd.
tweede middelklaagt dat niet blijkt dat de beschikking overeenkomstig het bepaalde in art. 24 lid 1 jo Pro 552 lid 6 Sv in het openbaar is uitgesproken.