Conclusie
1.De feiten
2.Het procesverloop
. Het is alleen al daarom dat, zonder nadere toelichting die ontbreekt, de onderhavige toepassing van artikel 7.1 van het pensioenreglement in de gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet onaanvaardbaar is. Het beroep op de artikelen 6:2 en 6:248 BW gaat dan ook niet op.
3.De bespreking van het cassatiemiddel
gewoonterechtals bron van verbintenis die het pensioenfonds verplicht op de datum van uitstel duidelijkheid en zekerheid te geven omtrent de hoogte van het ouderdomspensioen na uitstel en die [eiser] recht geeft op die duidelijkheid en zekerheid. De ingediende producties bevatten kopieën van bepalingen uit reglementen van andere pensioenfondsen en zijn bedoeld om aan te tonen dat andere pensioenfondsen zulke duidelijkheid en zekerheid wel verschaffen.