ECLI:NL:PHR:2017:1278
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring in cassatie wegens niet-indienen middelen in profijtontnemingszaak
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft betrokkene bij uitspraak van 14 oktober 2015 verplicht tot betaling van €17.000 aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. Deze ontnemingszaak is verbonden met een strafzaak tegen betrokkene. Betrokkene heeft beroep in cassatie ingesteld bij de Hoge Raad, maar heeft geen schriftuur met cassatiemiddelen ingediend binnen de wettelijke termijn. De aanzegging van het cassatieberoep is rechtsgeldig betekend aan betrokkene en diens raadsman.
Omdat betrokkene niet aan de vereiste procedurele verplichting heeft voldaan door geen middelen in te dienen, kan hij niet in zijn cassatieberoep worden ontvangen. De conclusie van de Procureur-Generaal bij de Hoge Raad is dan ook om betrokkene niet-ontvankelijk te verklaren in het cassatieberoep. Hierdoor blijft de ontnemingsmaatregel van kracht.
De procedure toont het belang van het naleven van formele termijnen en vereisten in cassatieprocedures, vooral in zaken over ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.
Uitkomst: Betrokkene wordt niet-ontvankelijk verklaard in cassatie wegens het niet indienen van middelen.