Conclusie
middelbehelst de klacht dat de last tot terbeschikkingstelling onvoldoende met redenen is omkleed. De toelichting op het middel is beperkter verwoord en richt zich tegen het oordeel van het hof inzake de bruikbaarheid van de rapportages van de gedragsdeskundigen. Ik zal me tot die meer specifieke klacht beperken omdat de algemene motiveringsklacht niet nader is onderbouwd.
in het licht van [de] omstandigheid dat het hof pas op 12 november 2015 uitspraak heeft gedaan, derhalve 30 maanden nadat de rapportages zijn gedateerd, terwijl de rapportages zijn afgerond op een moment dat verdachte nog geen 23 jaar was en de rechtbank eerder juist (mede) op grond van de rapportages heeft afgezien van het opleggen van de maatregel”, aldus de steller van het middel.
indien tussen de tijd waarin het onderzoek zijn beslag heeft gekregen en de dagtekening van het advies een zodanig lange termijn is verstreken dat de inhoud van het advies geacht moet worden niet de toestand van de onderzochte ten tijde van het onderzoek weer te geven.” [4]
de inhoud van het advies geacht moet worden niet de toestand van de onderzochte ten tijde van het onderzoek weer te geven.” Dit antwoord betreft een feitelijk oordeel dat in cassatie slechts op zijn begrijpelijkheid kan worden getoetst.
wezenlijke psychologische ontwikkeling” van jongvolwassenen die (kennelijk) na het 18e levensjaar pleegt op te treden. Voor zover daarmee wordt bedoeld dat de toestand van de verdachte wezenlijk was veranderd
nadatde adviezen waren gedagtekend, wijs ik erop dat de verdachte in oktober 2015 op advies van zijn raadsman heeft geweigerd mee te werken aan een aanvullende rapportage van dezelfde twee gedragsdeskundigen. De verdachte kan er dan niet met succes over klagen dat de door het hof gebruikte adviezen niet diens toestand ten tijde van het onderzoek ter terechtzitting weergeven (als dat al zo zou zijn). [6]
juridisch gezien bruikbaar zijn, nu het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep binnen een jaar na dato is aangevangen”. In datzelfde proces-verbaal is daarbij door de griffier opgemerkt: “
De raadsman knikt instemmend.”