Conclusie
als verklaring van verdachte:
als verklaring van verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2], dan wel één van hen:
Overwegingen met betrekking tot het bewijs ter zake van feit 1
eerste middelbehelst de klacht dat het oordeel van het Hof dat bij de uitvoering van het alcoholonderzoek niet in strijd is gehandeld met het bepaalde in het Besluit Alcoholonderzoeken en het Hof heeft aangenomen dat sprake is geweest van een onderzoek als bedoeld in art. 8, tweede lid, onder a van de WVW 1994, blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting en/of onbegrijpelijk is.
met toepassing van artikel 8(cursivering PV) eenmaal kan worden herhaald” kan niet anders worden geconcludeerd dan dat met tweede keer blazen is bedoeld een tweede cyclus van ten hoogste viermaal blazen. Om in de woorden van Harteveld/Krabbe [4] te spreken: “Dus ook de verdachte die al viermaal heeft geblazen en die geen verwijt kan worden gemaakt van het mislukken van de eerste cyclus is verplicht aan de
tweede cyclusmee te werken. De in art. 163, tweede lid WVW omschreven verplichting omvat zowel de eerste, in art. 8 Besluit Pro geregelde blaascyclus, als de eventuele procedure van art. 9 van Pro dat Besluit.” (cursivering PV). [5] De stelling in het middel dat iedere blaaspoging kan worden aangemerkt als een ‘(adem)onderzoek’ in de zin van het Besluit is dus onjuist. [6]
tweede middelbevat de klacht dat het Hof het door de verdediging gedane beroep op het niet-naleven van een belangrijke voorwaarde voor de uitvoering van de ademanalyse blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting en/of onbegrijpelijk is.
Raam open gezet
derde middelklaagt over de verwerping van een verweer door het Hof en klaagt in de kern dat het Hof ten onrechte heeft bewezenverklaard dat er sprake is van een "onderzoek, als bedoeld in artikel 8, tweede lid, aanhef en onder a van de Wegenverkeerswet 1994". Aan het middel ligt ten grondslag dat verdachte onvoldoende kans is geboden om een tegenonderzoek/bloedonderzoek te doen verrichten.
2. Het is een ieder verboden een voertuig te besturen of als bestuurder te doen besturen na zodanig gebruik van alcoholhoudende drank, dat:
a. het alcoholgehalte van zijn adem bij een onderzoek hoger blijkt te zijn dan 220 microgram alcohol per liter uitgeademde lucht, dan wel
b. het alcoholgehalte van zijn bloed bij een onderzoek hoger blijkt te zijn dan 0,5 milligram alcohol per milliliter bloed.”