Conclusie
conclusiestrekt tot niet-ontvankelijkverklaring van de Stichting in haar herzieningsverzoek.
Parket bij de Hoge Raad
Bij beschikking van 25 april 2014 heeft de Hoge Raad het cassatieberoep van de Stichting Gemeenschappelijke Organisatie Dienen en anderen tegen een beschikking van de ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam niet ontvankelijk verklaard. Hiertegen heeft de Stichting op 5 mei 2014 een verzoek tot herroeping ingediend op grond van artikel 390 en Pro 382 Rv en artikel 8:119 Awb Pro.
De Hoge Raad oordeelt dat het verzoek op grond van artikel 8:119 Awb Pro niet ontvankelijk is omdat deze bepaling uitsluitend ziet op bestuursrechtelijke besluiten. Daarnaast moet een herroeping op grond van artikel 384 Rv Pro worden ingediend bij de rechter die in laatste feitelijke instantie heeft geoordeeld, wat hier niet het geval is. De Stichting voldoet niet aan de wettelijke vereisten voor herroeping, mede omdat de stelling dat de Hoge Raad geen acht heeft geslagen op toegezonden brieven geen grond voor herroeping oplevert.
Verder bevat het verzoek een ongrondig verzoek tot terugbetaling van griffierecht en vergoeding van proceskosten, waarvoor geen wettelijke basis bestaat. Ook een vermeend verzoek om schadevergoeding wordt niet aangetroffen in de stukken. De Hoge Raad verklaart het herzieningsverzoek derhalve niet-ontvankelijk en ziet geen aanleiding tot verdere beslissing.
Uitkomst: Verzoek tot herroeping van de Hoge Raad-beschikking wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-naleving van wettelijke vereisten.