ECLI:NL:PHR:2013:898
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in cassatie bij betwisting profijtontneming
De economische kamer van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch wees bij arrest van 8 oktober 2011 de vordering tot betaling van het geschatte wederrechtelijk verkregen voordeel af. Betrokkene stelde hiertegen beroep in cassatie in. De aanzegging op grond van artikel 435 Sv Pro werd op 6 augustus 2012 betekend aan een persoon die zich mondeling gemachtigde verklaarde.
De termijn van twee maanden voor het indienen van de cassatieschriftuur, zoals genoemd in artikel 437 Sv Pro, eindigde op 5 oktober 2012. Binnen deze termijn ontving de Hoge Raad geen schriftuur van betrokkene. Hierdoor werd betrokkene niet-ontvankelijk verklaard in het cassatieberoep.
De conclusie van de Procureur-Generaal bij de Hoge Raad strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van betrokkene. Deze zaak hangt samen met andere zaken waarin soortgelijke conclusies zijn getrokken.
Uitkomst: Betrokkene is niet-ontvankelijk verklaard in het cassatieberoep wegens het niet indienen van cassatieschriftuur binnen de wettelijke termijn.