Conclusie
eerste middelbehelst de klacht dat het hof ontoereikend gemotiveerd is afgeweken van het door de verdediging ingenomen uitdrukkelijk onderbouwde standpunt dat de aangiftes en de verklaringen van de aangeefsters die tot stand zijn gekomen door de ontwikkeling, inzet en gebruikmaking van het verhoorprotocol, van het bewijs moeten worden uitgesloten.
tweede middelbevat de klacht dat het hof het verzoek tot het horen van een getuige-deskundige ten onrechte, althans onvoldoende gemotiveerd, heeft afgewezen.
derde middelkeert zich tegen het oordeel van het hof dat in de zaak tegen de verdachte het meerderjarigenstrafrecht wordt toegepast.