ECLI:NL:PHR:2012:BY2803
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt rechtmatigheid woningdoorzoeking en verwerpt bewijsuitsluiting
De verdachte werd door het gerechtshof te 's-Gravenhage veroordeeld wegens opzettelijk handelen in strijd met het verbod van artikel 2 onder Pro C van de Opiumwet. Hij kreeg een voorwaardelijke geldboete van €450,-, subsidiair 9 dagen hechtenis met een proeftijd van twee jaar.
Tegen dit arrest stelde de advocaat van de verdachte een cassatiemiddel in dat zich richtte op de verwerping van een beroep op bewijsuitsluiting, waarbij werd betoogd dat de woningdoorzoeking onrechtmatig was geweest. De Hoge Raad oordeelde dat deze klacht evident kansloos was, omdat de verwerping van het bewijsuitsluitingsverzoek voldoende begrijpelijk was gemotiveerd.
De conclusie van de procureur-generaal strekte tot verwerping van het cassatieberoep. De Hoge Raad vond geen gronden om het arrest van het gerechtshof te vernietigen, waarmee de veroordeling en de rechtmatigheid van de doorzoeking definitief werden bevestigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling van de verdachte wordt bevestigd.