ECLI:NL:PHR:2012:BX5798
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over omgangsregeling spermadonor en nauwe persoonlijke betrekking met kind
De zaak betreft een verzoek van een spermadonor tot vaststelling van een omgangsregeling met het kind dat is verwekt via kunstmatige inseminatie bij een geregistreerd partnerschap van twee vrouwen. De rechtbank wees het verzoek in eerste aanleg af wegens het ontbreken van een nauwe persoonlijke betrekking tussen de donor en het kind. Het hof oordeelde in hoger beroep dat wel sprake was van een nauwe persoonlijke betrekking, maar wees het verzoek af op grond van zwaarwegende belangen van het kind.
In cassatie wordt het oordeel van het hof over de nauwe persoonlijke betrekking bestreden. De Hoge Raad overweegt dat het begrip 'nauwe persoonlijke betrekking' in lijn is met het begrip 'family life' uit art. 8 EVRM Pro, waarvoor een zekere mate van verbondenheid tussen de natuurlijke ouders vereist is. De enkele afspraak over 'af en toe' contact is onvoldoende om van een nauwe persoonlijke betrekking te spreken.
Daarnaast bevestigt de Hoge Raad dat de zwaarwegende belangen van het kind, waaronder het ontbreken van draagvlak bij de moeder en de spanningen die omgang met zich mee zou brengen, rechtvaardigen dat omgang wordt geweigerd. Het incidentele cassatieberoep van de spermadonor wordt verworpen. De kosten worden gecompenseerd. De Hoge Raad vernietigt het oordeel van het hof over de nauwe persoonlijke betrekking en doet zelf uitspraak.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt oordeel hof over nauwe persoonlijke betrekking en bevestigt afwijzing omgangsregeling wegens zwaarwegende belangen kind.