ECLI:NL:PHR:2012:BW1732
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt aansprakelijkheid verzekeringnemer voor brandstichting en weigert uitkering brandschade
Op 4 maart 2005 werd brand ontdekt in een boerderij die mede eigendom was van eiser, die bij Delta Lloyd verzekerd was tegen brandschade. Technisch onderzoek wees uit dat er twee onafhankelijke brandhaarden waren, wat duidt op brandstichting. De technische recherche en deskundigen van Delta Lloyd concludeerden dat de brand niet door een technisch mankement was veroorzaakt.
De rechtbank oordeelde aanvankelijk dat onvoldoende zekerheid bestond over brandstichting en veroordeelde Delta Lloyd tot uitkering van de schadevergoeding. Het hof vernietigde dit oordeel en stelde vast dat de brand door brandstichting was veroorzaakt en dat eiser merkelijke schuld had, omdat hij de brand zelf had gesticht.
Eiser stelde cassatieberoep in tegen deze beslissing, maar de Hoge Raad verwierp dit beroep. Het hof had de bewijsmiddelen en verklaringen voldoende gemotiveerd beoordeeld en het oordeel dat eiser de brand had gesticht was niet onbegrijpelijk. De Hoge Raad bevestigde dat Delta Lloyd niet gehouden is tot uitkering en dat de aantekening in het Centraal Informatiesysteem terecht was gemaakt.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de brand is veroorzaakt door brandstichting door eiser, waardoor Delta Lloyd niet tot uitkering van de brandschade is gehouden.