ECLI:NL:PHR:2012:BV9958
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beëindiging en verlaging partneralimentatie na langdurige echtscheiding
De zaak betreft een verzoek van de man om de partneralimentatie aan zijn ex-echtgenote te beëindigen of te verlagen op grond van gewijzigde omstandigheden. Partijen waren 35 jaar gehuwd en gescheiden in 1994. De man betaalde al ruim vijftien jaar alimentatie. Hij stelde dat de alimentatie beëindigd kon worden omdat de vrouw vermogend is, AOW ontvangt en haar behoefte lager is dan zij stelt. De rechtbank wees het primaire verzoek tot beëindiging af vanwege de ingrijpende inkomensachteruitgang voor de vrouw, maar verlaagde de alimentatie wegens gewijzigde omstandigheden.
Het hof bekrachtigde dit oordeel en oordeelde dat het niet onredelijk is dat de alimentatie wordt voortgezet gezien de leeftijd van de vrouw, de duur van het huwelijk, haar beperkte verdiencapaciteit en het ontbreken van pensioenrechten. Het hof verwierp de stellingen van de man dat de vrouw haar vermogen niet goed zou benutten, omdat deze onvoldoende waren onderbouwd.
De Hoge Raad bevestigt dat in oude gevallen de alimentatie na vijftien jaar kan worden beëindigd, tenzij dit onredelijk is voor de alimentatiegerechtigde. Alle relevante omstandigheden moeten worden meegewogen, waaronder de financiële positie van partijen en de behoefte van de alimentatiegerechtigde. Het hof heeft dit correct toegepast en voldoende gemotiveerd. Het cassatieberoep wordt verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad wijst het cassatieberoep af en bevestigt de verlenging en verlaging van de alimentatieverplichting.