ECLI:NL:PHR:2012:BV2368
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt niet-besteksconforme inschrijving bij Europese aanbesteding Essent
Essent Energie Productie B.V. (hierna: Essent) deed mee aan een Europese aanbestedingsprocedure voor handling van bedrijfs-, hulp- en reststoffen bij de Amercentrale te Geertruidenberg. Essent diende een inschrijving in waarbij zij een eigen innovatieve loskraan (de E-crane) wilde inzetten in plaats van de in het bestek voorgeschreven twee bestaande kranen van de opdrachtgever. Het hof oordeelde dat deze inschrijving niet besteksconform was, ook indien het bestek als innovatief zou worden gekwalificeerd, omdat het bestek duidelijk voorschreef dat het lossen van kolen met de aanwezige kranen moest gebeuren.
Essent voerde in cassatie aan dat het hof ten onrechte het innovatieve karakter van het bestek niet had erkend en dat haar verbetervoorstel met de E-crane ook op alle subgunningscriteria had moeten worden beoordeeld. De Hoge Raad verwierp deze klachten en bevestigde dat ook bij een innovatief bestek de inschrijving besteksconform moet zijn. Daarnaast oordeelde de Hoge Raad dat verbetervoorstellen alleen binnen het subgunningscriterium 'Optionele Diensten en Verbetervoorstellen' worden beoordeeld en niet op alle subgunningscriteria.
De Hoge Raad benadrukte dat het gelijkheidsbeginsel vereist dat alle inschrijvingen aan de bestekvoorschriften voldoen om een objectieve vergelijking mogelijk te maken. Essent had bewust niet ingeschreven op basis van de bediening van de twee kranen van Essent, maar op haar eigen kraan, wat het hof voldoende had gemotiveerd. Het cassatieberoep werd daarom verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Essent wordt verworpen en de afwijzing van haar inschrijving wegens niet-besteksconformiteit wordt bevestigd.