ECLI:NL:PHR:2012:BU7627
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen poging tot invoer cocaïne vanuit Dominicaanse Republiek
De verdachte werd door het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch veroordeeld tot 32 maanden gevangenisstraf wegens medeplegen van poging tot opzettelijk handelen in strijd met de Opiumwet, met betrekking tot de invoer van ruim 22 kilogram cocaïne vanuit de Dominicaanse Republiek.
De verdediging voerde meerdere middelen van cassatie aan, waaronder een preliminair verweer over schijn van partijdigheid van de rechtbank, het verzoek tot het horen van getuige [betrokkene 4], en het bewijsverweer dat de veroordeling hoofdzakelijk steunde op één getuige. Het hof verwierp deze verweren en verzoeken met voldoende motivering.
De Hoge Raad oordeelde dat het preliminaire verweer en het bewijsverweer niet slaagden. Het verzoek tot het horen van [betrokkene 4] werd onvoldoende duidelijk onderbouwd en het hof had dit verzoek terecht afgewezen. Wel werd vastgesteld dat de redelijke termijn voor de cassatiefase met ruim negen maanden was overschreden, wat leidt tot strafvermindering.
De Hoge Raad vernietigde het arrest voor wat betreft de strafoplegging en bepaalde dat de straf verminderd moet worden naar de gebruikelijke maatstaf. Voor het overige werd het cassatieberoep verworpen.
Uitkomst: De veroordeling voor medeplegen poging tot invoer van cocaïne wordt bevestigd, maar de straf wordt verminderd wegens overschrijding van de redelijke termijn.