ECLI:NL:PHR:2011:BT7070
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt strafbaarheid medenemen voor prostitutie zonder vereiste onvrijwilligheid
De zaak betreft een arrest van de Hoge Raad waarin een verdachte is veroordeeld voor mensenhandel door het medenemen van een slachtoffer naar Nederland met het oogmerk haar tot prostitutie te brengen. De verdachte werd veroordeeld tot twaalf maanden gevangenisstraf door het Gerechtshof Leeuwarden.
De verdediging voerde in cassatie aan dat het delict 'medenemen' een vorm van onvrijwilligheid bij het slachtoffer vereist, hetgeen volgens de wetsgeschiedenis niet het geval is. De Hoge Raad bevestigt dat het medenemen strafbaar is zonder dat de keuzevrijheid van het slachtoffer beperkt hoeft te zijn, gebaseerd op de parlementaire geschiedenis en eerdere jurisprudentie.
Verder werd betwist of de verklaringen van het slachtoffer als bewijs konden dienen vanwege vermeende onbetrouwbaarheid. Het hof verwierp dit verweer en gebruikte de verklaringen voor de bewezenverklaring van het medenemen met oogmerk prostitutie.
Ten slotte stelde de verdachte dat de redelijke termijn in cassatie was overschreden. De Hoge Raad erkende deze overschrijding en vernietigde het arrest voor zover het de strafhoogte betreft, met behoud van de bewezenverklaring en het overige oordeel.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt strafbaarheid van medenemen zonder vereiste onvrijwilligheid en vernietigt het arrest voor de strafmaat wegens overschrijding redelijke termijn.