ECLI:NL:PHR:2011:BT2173
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring OM wegens onrechtmatige inverzekeringstelling in weekendarrangement
In deze zaak stond de rechtmatigheid van de inverzekeringstelling van verdachte centraal, die in het kader van het 'weekendarrangement' langer dan noodzakelijk werd vastgehouden. Verdachte was op zaterdag 11 oktober 2009 aangehouden en bleef tot maandag 12 oktober 2009 in verzekering, terwijl na het laatste verhoor op zaterdagmiddag geen pogingen waren gedaan om hem mededelingen over de strafzaak uit te reiken.
Het hof had geoordeeld dat deze voortgezette inverzekeringstelling onrechtmatig was en dat het OM daarom niet-ontvankelijk moest worden verklaard in de vervolging. Dit oordeel was mede gebaseerd op het feit dat het 'weekendarrangement' een ordemaatregel met strafvorderlijke middelen betreft, die niet als grondslag voor vrijheidsbeneming kan dienen.
De Hoge Raad bevestigt dat inverzekeringstelling slechts in het belang van het onderzoek mag plaatsvinden, en dat het uitreiken van mededelingen aan verdachte zo spoedig mogelijk moet gebeuren. De tijdspanne van bijna 24 uur na het laatste verhoor zonder uitreiking was onrechtmatig. Echter, het hof heeft ten onrechte geoordeeld dat deze onrechtmatigheid niet als een vormverzuim in de zin van art. 359a Sv kan worden aangemerkt.
De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest van het hof en bepaalt dat de onrechtmatigheid van de inverzekeringstelling wel een vormverzuim oplevert, waardoor het OM niet-ontvankelijk verklaard moet worden. Dit oordeel sluit aan bij de waarborgen van het strafprocesrecht en het fundamentele recht op vrijheid en veiligheid.
Uitkomst: Het openbaar ministerie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens onrechtmatige voortzetting van de inverzekeringstelling.