ECLI:NL:PHR:2011:BQ3137
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt medeplegen moord en vermindert straf wegens termijnoverschrijding
De zaak betreft een moord gepleegd op 20 april 2006 te Amsterdam, waarbij verdachte en een mededader het slachtoffer met zeven schoten hebben gedood. Verdachte heeft bekend dat hij de vluchtauto bestuurde en dat de mededader het slachtoffer heeft neergeschoten. De opdracht tot liquidatie kwam van twee personen die ook de wapens en auto ter beschikking stelden. Verdachte en mededader wilden aanvankelijk niet meewerken, maar werden onder druk gezet en beloond met een hoog bedrag.
In hoger beroep heeft het hof verdachte veroordeeld tot 13 jaar gevangenisstraf wegens medeplegen van moord en het bezit van wapens en munitie. De Hoge Raad heeft het arrest van het hof met verbetering van een collationeerfout bevestigd. De Hoge Raad oordeelt dat de bekennende verklaring van verdachte voldoende is om medeplegen aan te nemen en dat het hof terecht volstond met een opgave van bewijsmiddelen.
Verder is vastgesteld dat de redelijke termijn voor berechting licht is overschreden, mede door de complexiteit van het Passageonderzoek en verwevenheid met andere zaken. Hoewel het hof een langere termijn hanteerde dan strikt noodzakelijk, leidt dit niet tot strafvermindering. De Hoge Raad vermindert de straf ambtshalve vanwege de overschrijding van de redelijke termijn zoals bedoeld in het EVRM. Het beroep wordt verder verworpen.
Uitkomst: Hoge Raad bevestigt medeplegen moord en vermindert de straf wegens lichte overschrijding van de redelijke termijn.