ECLI:NL:PHR:2011:BQ1225
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt heffing precariobelasting op gas- en elektriciteitsleidingen beheerd door privaatrechtelijke rechtspersoon
In deze zaak staat centraal of de precariobelasting geheven door de gemeente Katwijk terecht is opgelegd aan X N.V. voor het hebben van gas- en elektriciteitsleidingen onder, op of boven gemeentegrond. X N.V. stelt zich op het standpunt dat zij vrijgesteld is van precariobelasting op grond van artikel 4, aanhef en onder c, van de Verordening, omdat de leidingen noodzakelijk zijn voor de uitoefening van een publiekrechtelijke taak door de gemeente of andere overheidslichamen.
De rechtbank en het hof hebben het beroep van X N.V. ongegrond verklaard, stellende dat het beheer van de leidingen door een privaatrechtelijke rechtspersoon geen publiekrechtelijke taak betreft zoals bedoeld in de Verordening. De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en overweegt dat er geen wettelijke regelgeving is die de gemeente verplicht tot het aanleggen van deze leidingen als publiekrechtelijke taak. Het feit dat de gemeente aandeelhouder is van de netbeheerder maakt niet dat het beheer van de leidingen als publiekrechtelijke taak kan worden aangemerkt.
De Hoge Raad benadrukt dat de vrijstelling in de Verordening bedoeld is om te voorkomen dat gemeenten of andere overheidslichamen precariobelasting aan zichzelf moeten betalen voor voorwerpen die noodzakelijk zijn voor hun publiekrechtelijke taak. Omdat X N.V. een privaatrechtelijke rechtspersoon is en het beheer van de leidingen niet onder het publiekrechtelijke regime valt, is geen vrijstelling van toepassing. Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en het incidentele beroep van de gemeente niet-ontvankelijk wegens gebrek aan belang.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en bevestigt dat de precariobelasting terecht is geheven op de gas- en elektriciteitsleidingen beheerd door X N.V.