ECLI:NL:PHR:2011:BP9863
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beëindiging schuldsaneringsregeling wegens niet nakomen sollicitatie- en afdrachtverplichtingen
Verzoekster was sinds 30 augustus 2007 onder de wettelijke schuldsaneringsregeling geplaatst. De rechtbank Rotterdam beëindigde op 15 oktober 2010 deze regeling wegens het niet nakomen van de sollicitatieplicht en het ontstaan van een betalingsachterstand van €1.488,33 op de boedelrekening.
Verzoekster kwam in hoger beroep bij het hof te 's-Gravenhage, dat op 21 december 2010 het vonnis van de rechtbank bekrachtigde. Het hof oordeelde dat verzoekster vanaf 15 mei 2009 arbeidsgeschikt was en daarom een sollicitatieplicht had, ondanks dat verzoekster stelde arbeidsongeschikt te zijn. Deze klacht werd in cassatie te laat ingebracht en faalde daarom.
Verder stelde verzoekster dat zij de schuld aan de belastingdienst had voldaan en het bedrag uit een loonvordering had overgemaakt, maar het hof vond dat zij onvoldoende had aangetoond dat zij de volledige nabetaling van het UWV aan de boedelrekening had voldaan. De achterstand was daardoor terecht vastgesteld en het hof concludeerde dat verzoekster geen pogingen had gedaan om deze achterstand in te lopen.
De Hoge Raad concludeert dat het hof terecht heeft geoordeeld dat verzoekster niet aan haar verplichtingen heeft voldaan en de beëindiging van de schuldsaneringsregeling zonder schone lei terecht is. De conclusie van de procureur-generaal is tot verwerping van het cassatieberoep.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de beëindiging van de schuldsaneringsregeling wegens niet nakomen van verplichtingen.