ECLI:NL:PHR:2011:BO9969
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens onvoldoende gemotiveerde bewezenverklaring opzet zware mishandeling
Op 17 november 2008 heeft verdachte in Rotterdam het slachtoffer zonder aanleiding met een vuistslag op de kaak getroffen, wat resulteerde in een gebroken onderkaak en gebitsschade. Het hof verklaarde het feit bewezen en oordeelde dat verdachte opzet had, mede gebaseerd op verklaringen van het slachtoffer, haar moeder en medisch bewijs.
De verdediging voerde aan dat het opzet niet bewezen kon worden, onder meer omdat het slachtoffer in een sms-bericht sprak van een ongeluk. De Hoge Raad oordeelde dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het opzet bewezen zou zijn, vooral omdat het hof niet duidelijk maakte welke bewijsmiddelen het steunde en de sms-verklaring van het slachtoffer negeerde.
De Hoge Raad constateerde ook dat het vonnis een ongeordende mengeling van redengevende en niet-redengevende feiten bevatte, wat niet voldoet aan de eisen van art. 359 lid 3 Sv Pro. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest voor zover het opzet en de straf betreft en verwijst de zaak terug naar het hof voor hernieuwde berechting, met verwerping van het beroep voor het overige.
Uitkomst: Het arrest wordt vernietigd wegens onvoldoende gemotiveerde bewezenverklaring van opzet en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.