ECLI:NL:PHR:2010:BL1724
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring cassatie wegens ontbreken volmacht en inhoudelijke afwijzing middelen
De verdachte werd door het gerechtshof te 's-Hertogenbosch veroordeeld tot twaalf maanden gevangenisstraf wegens poging tot zware mishandeling, mishandeling, bedreiging en vernieling. Daarnaast werd een mes onttrokken aan het verkeer.
In cassatie werd namens verdachte een schriftuur ingediend met drie middelen. Deze schriftuur voldeed echter niet aan de vereisten van art. 452 Sv Pro, omdat de raadsman niet had verklaard dat hij door verdachte specifiek was gemachtigd. Ondanks een verzoek om dit te herstellen, werd hieraan geen gehoor gegeven, waardoor verdachte niet in cassatie kon worden ontvangen.
Inhoudelijk werden de middelen besproken. Het eerste middel betrof de opzettelijkheid van het steken met een mes, maar bevatte geen cassatieklacht. Het tweede middel betrof het beroep op noodweer, dat eveneens niet als cassatiemiddel kon worden aangemerkt. Het derde middel richtte zich op de strafmotivering en de zwaarte van de opgelegde straf, maar faalde omdat de straf was gebaseerd op alle bewezenverklaarde feiten en omstandigheden, waaronder de ernst van het letsel en de schok voor de rechtsorde.
De conclusie luidde dat verdachte niet-ontvankelijk is in het cassatieberoep en dat de middelen inhoudelijk falen. Er werden geen ambtshalve gronden gevonden om het arrest van het hof te vernietigen.
Uitkomst: Cassatieberoep niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken volmacht en middelen inhoudelijk verworpen.