ECLI:NL:PHR:2010:BI1929
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt loonbegrip voor door werkgever betaalde kosten belastingadvies aan werknemers
De zaak betreft de vraag of de door belanghebbende, een werkgever, betaalde kosten voor belastingadvies aan haar werknemers als loon in natura moeten worden beschouwd en daarmee belast zijn op grond van de Wet op de loonbelasting 1964 (Wet LB).
Belanghebbende had voor haar vanuit het buitenland uitgezonden werknemers nettoloonovereenkomsten gesloten en de kosten van een belastingadviesbureau voor het verzorgen van aangiften inkomstenbelasting betaald zonder deze kosten aan de werknemers door te berekenen. De Inspecteur legde een naheffingsaanslag op omdat deze kosten volgens hem als loon moesten worden aangemerkt.
De Rechtbank en het Hof oordeelden dat de kosten inderdaad loon vormen omdat zij een besparingsvoordeel voor de werknemers opleveren dat zijn grond vindt in de dienstbetrekking. De kosten werden tevens aangemerkt als extraterritoriale kosten binnen de 30%-regeling, maar niet als vrije vergoedingen of verstrekkingen. De Hoge Raad bevestigt deze lijn en stelt dat het verstrekken van belastingadvies loon in natura is dat moet worden gewaardeerd naar de waarde in het economische verkeer, omdat het niet noodzakelijk is voor de behoorlijke vervulling van de dienstbetrekking en een persoonlijk belang van de werknemer dient.
De conclusie van de Advocaat-Generaal is dat het beroep ongegrond moet worden verklaard en de naheffingsaanslag terecht is opgelegd.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat door de werkgever betaalde kosten voor belastingadvies aan werknemers loon in natura vormen en belast zijn.