ECLI:NL:PHR:2009:BI7087
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in cassatie wegens niet tijdig indienen van schriftuur
Klager had bij de Rechtbank Amsterdam beklag ingediend tot teruggave van een BMW, maar dit werd ongegrond verklaard. Vervolgens stelde klager cassatie in bij de Hoge Raad. Volgens artikel 447 lid 5 Sv Pro moet een schriftuur met middelen van cassatie binnen een bepaalde termijn worden ingediend. Hoewel een schriftuur op 26 februari 2008 werd verzonden, is deze niet tijdig ontvangen en ingediend bij de Hoge Raad. De schriftuur die op 31 maart 2008 werd ingediend, kwam te laat binnen, waardoor klager niet in het cassatieberoep kan worden ontvangen.
De Hoge Raad verwijst naar eerdere jurisprudentie (HR 18 november 2003, NJ 2004, 178) waarin het belang van tijdige indiening en ontvangstbevestiging werd benadrukt. Omdat klager niet heeft aangetoond dat de schriftuur tijdig en aangetekend is verzonden, en ook geen ontvangstbevestiging heeft gevraagd, wordt het beroep niet-ontvankelijk verklaard.
De conclusie van de Procureur-Generaal strekt ertoe klager niet-ontvankelijk te verklaren in het cassatieberoep wegens overschrijding van de wettelijke termijn voor het indienen van de schriftuur.
Uitkomst: Klager wordt niet-ontvankelijk verklaard in cassatie wegens te late indiening van de schriftuur.