ECLI:NL:PHR:2009:BI3862
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen culpoos veroorzaken ernstig verkeersongeval met dodelijk slachtoffer
Op 10 juni 2006 veroorzaakten verdachte en zijn medeverdachte gezamenlijk een ernstig verkeersongeval waarbij een baby overleed en de moeder zwaar lichamelijk letsel opliep. Zij reden met hun auto's naast elkaar, trokken fel op en hielden geen rekening met voetgangers die het Creilerpad wilden oversteken.
Het hof veroordeelde verdachte voor medeplegen van overtreding van artikel 6 van Pro de Wegenverkeerswet 1994, waarbij een ander werd gedood en zwaar lichamelijk letsel werd toegebracht. Verdachte kreeg een gevangenisstraf van acht maanden en een rijontzegging van drie jaar opgelegd, evenals verbeurdverklaring van een auto.
De verdediging voerde onder meer aan dat het hof ten onrechte het verzoek om een slachtoffer als getuige te horen had afgewezen en dat verdachte niet verantwoordelijk kon worden gehouden omdat hij tijdig tot stilstand was gekomen. De Hoge Raad oordeelde dat het hof het juiste criterium had toegepast bij het weigeren van de getuigenoproeping en dat het medeplegen terecht was vastgesteld door het gezamenlijke gevaarzetting en het opjutten van elkaar.
De bewezenverklaring werd verduidelijkt door de Hoge Raad, waarbij het hof terecht had geoordeeld dat het gezamenlijke rijgedrag van de verdachten leidde tot het ongeval, ook al was slechts één van hen daadwerkelijk in botsing gekomen met de slachtoffers. Het cassatieberoep werd verworpen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot acht maanden gevangenisstraf en drie jaar rijontzegging voor medeplegen van het veroorzaken van een dodelijk verkeersongeval.