ECLI:NL:PHR:2009:BH5462
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voormalig curator tot vaststelling salaris wegens tekortschieten in faillissementsafwikkeling
In deze zaak betrof het verzoek van de voormalig curator tot vaststelling van zijn salaris en faillissementskosten over de periode van 5 september 2001 tot 6 april 2006 in het faillissement van Warmvloer Den Haag B.V. De rechtbank stelde het salaris vast op een lager bedrag dan door de curator was opgegeven, vanwege tekortschietende werkzaamheden en onvoldoende inzichtelijke urenspecificaties.
De curator had aanvankelijk wel actie ondernomen, maar daarna verzuimd om concrete stappen te nemen om administratie te verkrijgen en bestuurders aan te spreken, terwijl de faillissementswet hem daartoe instrumenten biedt. De rechter-commissaris adviseerde een lager salaris wegens het ontbreken van een inzichtelijke verslaglegging en het niet voldoen aan de dubbele redelijkheidstoets.
De Hoge Raad oordeelde dat de rechtbank voldoende inzicht had gegeven in haar motivering en dat het verweer van de curator niet slaagde. Het verzoek tot vaststelling van het volledige salaris werd daarom terecht afgewezen. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de beschikking van de rechtbank.
Uitkomst: Het verzoek van de voormalig curator tot vaststelling van zijn salaris werd afgewezen wegens tekortschietende werkzaamheden en onvoldoende inzicht in de bestede uren.