ECLI:NL:PHR:2009:BG7412
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Nietigverklaring Europees octrooi voor snel verwisselbare ballonkatheter wegens gebrek aan inventiviteit
Het geschil betreft het Europees octrooi EP 0591199 B1, het zogenaamde Keith-octrooi, dat betrekking heeft op een snel verwisselbare ballonkatheter voor angioplastiekbehandelingen. Scimed, de octrooihouder, vorderde in eerste aanleg een verbod op inbreuk, terwijl Medinol reconventioneel nietigverklaring van het octrooi vorderde wegens gebrek aan nieuwheid en inventiviteit.
De rechtbank verklaarde het octrooi nietig wegens gebrek aan inventiviteit, een oordeel dat door het gerechtshof werd bekrachtigd. Het hof oordeelde dat de gemiddelde vakman het octrooi niet beperkt zou verstaan tot de door Scimed bepleite combinatie van technische maatregelen (maatregelen A, B en C), en dat het octrooi niet voldeed aan de vereisten van nieuwheid en inventiviteit.
In cassatie betoogde Scimed onder meer dat het hof de octrooiconclusies onjuist had uitgelegd en dat de subsidiaire beperking van het octrooi ten onrechte was afgewezen. De Hoge Raad overwoog dat het hof de uitleg van het octrooi op juiste wijze had verricht, uitgaande van het gezichtspunt van de gemiddelde vakman en dat het hof voldoende gemotiveerd had beslist. Ook de afwijzing van de beperking van het octrooi werd bevestigd, mede gelet op het geldende recht ten tijde van het arrest.
De Hoge Raad wees het beroep af en bevestigde daarmee de nietigverklaring van het octrooi voor Nederland.
Uitkomst: Het Europees octrooi EP 0591199 B1 wordt voor Nederland nietig verklaard wegens gebrek aan inventiviteit; het subsidiaire standpunt tot beperking van het octrooi wordt afgewezen.