ECLI:NL:PHR:2008:BG3508
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep wegens niet-tijdig indienen middelen van cassatie
Het gerechtshof te 's-Hertogenbosch heeft verdachte veroordeeld tot vijftien weken gevangenisstraf wegens het opzettelijk handelen in strijd met de Opiumwet en de Wet Wapens en Munitie. Verdachte stelde tijdig beroep in cassatie in, maar er zijn namens hem geen middelen van cassatie ingediend binnen de wettelijk voorgeschreven termijn.
Volgens artikel 437, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering moet binnen twee maanden na de betekening van de aanzegging door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie worden ingediend. Dit is niet gebeurd, waardoor niet is voldaan aan het voorschrift van art. 437.2 Sv.
De Procureur-Generaal concludeert daarom dat verdachte niet-ontvankelijk moet worden verklaard in zijn cassatieberoep. Deze conclusie betreft tevens een samenhangende ontnemingszaak met een ander griffienummer.
Uitkomst: Verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn cassatieberoep wegens het niet tijdig indienen van de middelen van cassatie.