ECLI:NL:PHR:2008:BD4745
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Ongerechtvaardigde verrijking door werkzaamheden en uitgaven voor verbouwing woning voormalige levenspartner
De zaak betreft een geschil tussen voormalige levenspartners over een vordering uit ongerechtvaardigde verrijking. Eiser heeft werkzaamheden verricht en uitgaven gedaan voor de verbouwing van de woning annex bedrijfsruimte van verweerster. Het hof oordeelde dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat verweerster daardoor ongerechtvaardigd was verrijkt en wees de vordering af.
In cassatie richt eiser zich tegen het oordeel van het hof, stellende dat het hof een onjuiste rechtsopvatting hanteerde door verrijking te beperken tot waardestijging van het pand en te zware eisen te stellen aan de stelplicht. De Hoge Raad overweegt dat verrijking ook kan bestaan uit besparing van kosten en dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom eiser de verrijking niet aannemelijk zou hebben gemaakt.
Verder oordeelt de Hoge Raad dat het hof onterecht het bewijsaanbod van eiser heeft gepasseerd en dat de bewijslastverdeling onjuist is toegepast. Het hof heeft ook niet gemotiveerd waarom het verzoek om een deskundigenbericht is afgewezen. De Hoge Raad vernietigt het arrest en verwijst de zaak voor verdere behandeling terug naar het hof.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor verdere beoordeling.