ECLI:NL:PHR:2008:BC8133
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Toelaatbaarheid tenuitvoerlegging buitenlandse interneringsmaatregel ondanks ontoerekeningsvatbaarheid volgens Nederlands recht
In deze zaak gaat het om de tenuitvoerlegging van een Belgische rechterlijke beslissing waarbij een veroordeelde is veroordeeld tot een interneringsmaatregel voor onbepaalde duur wegens ernstige geestesstoornis tijdens het plegen van strafbare feiten. De Nederlandse rechtbank heeft deze tenuitvoerlegging toelaatbaar verklaard en de interneringsmaatregel vervangen door terbeschikkingstelling met dwangverpleging (tbs).
De verdediging voerde aan dat de tenuitvoerlegging niet toelaatbaar zou zijn omdat de veroordeelde volgens Nederlands recht niet strafbaar is wegens ontoerekeningsvatbaarheid (art. 39 Sr Pro), waardoor ontslag van rechtsvervolging zou volgen. De rechtbank oordeelde echter dat de tenuitvoerlegging toch mogelijk is op grond van artikel 3.1.d WOTS, omdat de opgelegde maatregel in Nederland ook kan worden opgelegd.
De Hoge Raad bevestigt dat de tenuitvoerlegging van een buitenlandse maatregel die een gedwongen opname in een psychiatrische inrichting betreft, toelaatbaar is indien een vergelijkbare maatregel in Nederland kan worden opgelegd, ook al is er geen strafbare feitstoerekening. De rechtbank heeft de tenuitvoerlegging terecht toegestaan en de maatregel passend vervangen door tbs met dwangverpleging. Het beroep van de verdediging wordt verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de toelaatbaarheid van de tenuitvoerlegging van de Belgische interneringsmaatregel en verwerpt het cassatieberoep.