ECLI:NL:PHR:2007:BA7884
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Herziening wegens persoonsverwisseling bij veroordeling voor overtreding Opiumwet
De aanvrager werd door het Gerechtshof Amsterdam veroordeeld tot een gevangenisstraf van twee maanden en verbeurdverklaring van geld wegens medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met de Opiumwet. De aanvraag tot herziening, ingediend door mr. H.K. Jap-A-Joe, steunt op het vermoeden van persoonsverwisseling waarbij een ander dan de aanvrager de bewezenverklaarde feiten heeft gepleegd.
Onderzoek door het Korps Landelijke Politiediensten, op verzoek van het Openbaar Ministerie te Haarlem, wees uit dat de persoon die in 2002 te Utrecht werd aangehouden niet overeenkomt met de aanvrager die in 2006 op Schiphol werd aangehouden. Dit blijkt uit verschillen in foto's en vingerafdrukken, waarbij het dactyloscopisch signalement van de in 2002 aangehouden persoon in het HAVANK-systeem onder andere personalia voorkomt dan die van de aanvrager.
De Hoge Raad acht het ernstige vermoeden van persoonsverwisseling zodanig dat, indien dit bekend was geweest bij de rechter, de aanvrager vrijgesproken zou zijn. Ondanks dat de aangehouden persoon in 2002 de personalia van de aanvrager correct noemde en een medeverdachte hem zo noemde, weegt dit niet op tegen het bewijs van persoonsverwisseling.
De Hoge Raad verklaart de aanvraag tot herziening gegrond, beveelt zo nodig opschorting van de tenuitvoerlegging van het arrest en verwijst de zaak naar het Gerechtshof Den Haag voor hernieuwde behandeling volgens art. 467 Sv Pro.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de aanvraag tot herziening gegrond wegens persoonsverwisseling en verwijst de zaak voor nieuwe behandeling.