ECLI:NL:PHR:2007:BA1094
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing aansprakelijkheid bank voor onjuiste afhandeling schenking tegoeden
De zaak betreft een geschil tussen eiseres en Fortis Bank over de afhandeling van een schenking van banktegoeden door een derde, betrokkene 3, aan eiseres en betrokkene 2. Eiseres stelde dat betrokkene 1 aan betrokkene 3 ondubbelzinnig had laten weten dat hij zijn tegoeden wilde schenken aan eiseres en betrokkene 2, en dat betrokkene 3 opdracht had gekregen om dit formeel te regelen. Fortis betwistte dit en stelde dat de volmacht niet neerkwam op een schenking en dat schenkingen en erflatingen notarieel moeten worden vastgelegd.
De Rechtbank Breda wees de vordering van eiseres af omdat niet was komen vast te staan dat betrokkene 1 aan betrokkene 3 de opdracht had gegeven om de schenking te effectueren. Het Hof te 's-Hertogenbosch bekrachtigde dit oordeel en oordeelde dat eiseres niet in redelijkheid mocht vertrouwen dat zij door het verkrijgen van een volmacht al rechthebbende was op de tegoeden. Het hof stelde dat het op de weg van eiseres lag zich te laten informeren door een notaris of deskundige.
De Hoge Raad behandelt in cassatie diverse klachten van eiseres over de feitelijke en juridische beoordeling van het hof, waaronder de vraag of betrokkene 3 een opdracht had gekregen om de schenking te effectueren en of eiseres gerechtvaardigd mocht vertrouwen op de volmacht. De Hoge Raad oordeelt dat de klachten niet slagen en bevestigt het oordeel dat Fortis niet aansprakelijk is jegens eiseres. Het beroep wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiseres wordt verworpen; Fortis Bank is niet aansprakelijk voor de onjuiste afhandeling van de schenking.