ECLI:NL:PHR:2007:BA0872
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt bewezenverklaring mishandeling met letsel en behandelt schadefondsuitkering
Op 7 juni 2004 vond op de Hercules Seghersstraat te Amsterdam een mishandeling plaats waarbij het slachtoffer werd geslagen en geschopt, met oogletsel en gebroken tanden als gevolg. Verdachte werd door het hof Amsterdam veroordeeld tot zes maanden gevangenisstraf, waarvan drie voorwaardelijk, en een taakstraf. Het hof baseerde de bewezenverklaring op meerdere processen-verbaal, getuigenverklaringen en de herkenning van verdachte door het slachtoffer.
In cassatie werd aangevoerd dat het bewijs onvoldoende was omdat het signalement van verdachte, met name zijn opvallende lengte van 2,05 meter, niet overeenkwam met eerdere signalementen. De Hoge Raad oordeelt dat de feitenrechter vrij is in de waardering en selectie van bewijs en dat ongeloofwaardig of onbruikbaar bewijs zonder nadere motivering buiten beschouwing mag worden gelaten. De bewezenverklaring is volgens de Hoge Raad voldoende onderbouwd.
Daarnaast bespreekt de Hoge Raad de toewijzing van de schadevergoedingsvordering van het slachtoffer en de relatie met een uitkering van het Schadefonds Geweldsmisdrijven. De Hoge Raad benadrukt dat schade die reeds door het fonds is vergoed niet opnieuw toegewezen kan worden, maar dat de positie van het slachtoffer in de strafprocedure niet automatisch wordt aangetast door een voorlopige uitkering. Omdat hierover geen verweer is gevoerd en de omvang van de letselschade nog niet definitief vaststaat, leidt dit niet tot vernietiging van het arrest.
De conclusie van de Procureur-Generaal is dat het cassatieberoep moet worden verworpen en het arrest van het hof in stand blijft.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de veroordeling van verdachte voor openlijk geweld met letsel en de toewijzing van schadevergoeding.