ECLI:NL:PHR:2006:AU8289
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak medeplegen mensensmokkel op luchthaven Schiphol wegens onvoldoende bewijs
De zaak betreft een verdachte die werd veroordeeld door het Hof Amsterdam voor medeplegen van mensensmokkel op Schiphol, waarbij hij uit winstbejag behulpzaam zou zijn geweest bij het verschaffen van toegang tot Nederland aan illegalen met behulp van Schipholpassen. Het Hof baseerde zich op verklaringen van betrokkenen, observaties van opsporingsambtenaren en telefoongegevens.
De verdachte zou samen met medeverdachten op 24 februari 2000 en 16 april 2000 personen hebben geholpen om via personeelsdoorgangen op Schiphol het beschermde gebied te betreden en zo illegaal Nederland binnen te komen. Het Hof achtte bewezen dat verdachte en mededaders uit winstbejag handelden en verdachte een actieve rol speelde.
In cassatie werd aangevoerd dat de bewijsvoering tegenstrijdig en onvoldoende was, met name dat verdachte zich had gedistantieerd en geen uitvoeringshandeling had verricht die medeplegen rechtvaardigt. De Hoge Raad oordeelde dat het Hof onvoldoende had gemotiveerd dat verdachte daadwerkelijk medepleegde en dat het bewijs onvoldoende was om de bewezenverklaring te dragen. De Hoge Raad vernietigde het arrest en sprak verdachte vrij van het eerste feit.
De Hoge Raad bevestigde wel de bewezenverklaring van het tweede feit en oordeelde dat de redelijke termijn was overschreden, waardoor de straf verminderd moest worden. De straf bestond uit een voorwaardelijke gevangenisstraf met proeftijd, een taakstraf en een geldboete.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van medeplegen van het eerste feit wegens onvoldoende bewijs.