ECLI:NL:PHR:2005:AS9296
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt beslissing voortzetting beslag originele boekhouding wegens onvoldoende motivering
De rechtbank Groningen had op 11 februari 2004 het beklag van verzoekster tegen de voortzetting van het beslag op haar originele boekhouding over de jaren 1997 tot en met 2000 ongegrond verklaard. De rechtbank oordeelde dat het strafvorderlijk belang bij voortzetting van het beslag zwaarder woog dan het belang van verzoekster bij teruggave, mede omdat verzoekster zich op andere wijze van de benodigde gegevens kon voorzien om aan haar fiscale verplichtingen te voldoen.
Verzoekster, tevens verdachte, stelde dat de ter beschikking gestelde kopieën onvoldoende waren vanwege gebrek aan onderscheidend vermogen en volledigheid om aan haar fiscale verplichtingen te voldoen. De rechtbank heeft echter niet duidelijk gemaakt op welke andere wijze verzoekster zich van de benodigde gegevens zou kunnen voorzien. Ook is niet gebleken dat de officier van justitie hierop is ingegaan tijdens de raadkamer.
De Hoge Raad oordeelt dat de motivering van de rechtbank onvoldoende is om het beslag voort te zetten, nu het belang van verzoekster niet adequaat is meegewogen en onvoldoende is onderbouwd hoe zij zich anders van de gegevens kan voorzien. Daarom vernietigt de Hoge Raad de beschikking en verwijst de zaak terug naar de rechtbank Groningen voor een nieuwe beslissing op het beklag.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking en verwijst de zaak terug naar de rechtbank voor een nieuwe beslissing op het beklag.